In de jaren '80 van vorige eeuw liet men zich vooral in Japan bekoren door wat men zou gaan noemen de ‘magere productie', een derde fase in de industriële processen. Na de tijdperken van pure handenarbeid en productie aan de lopende band, kwam het er nu op aan het beste van beide te verenigen: de flexibiliteit en de kwaliteit van het eerste proces met de lage kosten van het tweede.
Teamwork
Zo is teamwork bij de productie ontstaan, waarbij elke arbeider in staat is alle handelingen te volbrengen die van de groep verwacht worden. Deze mindere specialisatie in vergelijking met het werk aan de lopende band vermijdt net die demotivatie die voor beperkte en repetitieve handelingen bij bandwerk zo typerend is. Met als gevolg een betere productiviteit.
Just-in-time
Bij magere productie bereiken de stukken elk werkstation drupsgewijs, just-in-time en in tegenstelling tot de lopende band die koste wat kost vooruit moet, wordt het productieproces onderbroken van zodra er een probleem opduikt. Dat bevordert de verbetering van de technieken en de voortdurende aanpassing van de werktuigen en machines. Het magere productieproces weegt in een eerste periode zeker op het werktempo, maar versnelt nadien en bereikt bovendien een beter kwaliteitsniveau.
Betere prestaties
Veel bedrijven hebben gekozen voor deze ‘light' productiemethode met vaak betere prestaties dan bij de meer traditionele processen. Volgens Michael Cusumano, managementspecialist en auteur van een referentiewerk over de Japanse autoindustrie, heeft deze methode veel gevestigde ideeën over massaproductie weer in vraag gesteld.
Opgelet!
Maar het onderwerp stuit vandaag ook op kritiek. Het is namelijk gevaarlijk om teveel af te slanken. Vanaf een bepaald punt ontstaat gevaar op anorexie voor de onderneming. Bij onbestaande veiligheidsreserves of vervangingspersoneel kan de kleinste ontregeling van het arbeidsproces voor dramatische gevolgen zorgen.
Geef reactie Doorsturen naar een vriend